Een overkapping inmeten begin je met het opmeten van de breedte en diepte van de gewenste plek, gevolgd door de hoogte en eventuele bijzonderheden zoals afschot of obstakels. Met die maten op papier weet je precies wat voor pakket je nodig hebt en kun je direct aan de slag in de configurator. Goed meten voorkomt teleurstellingen bij de bouw.
Hoe meet ik mijn tuin op voor een overkapping?
Goede voorbereiding scheelt later een hoop frustratie. Maak eerst een schets van je tuin op ruitjespapier. Teken de gevel, het terras en de perceelgrenzen. Zo zie je in één oogopslag welke ruimte beschikbaar is.
Meet daarna de beschikbare ruimte op met een stevig meetlint van minimaal tien meter. Houd het lint strak; een doorzakkend lint geeft foutieve maten. Werk je alleen? Gebruik dan een pin of nagel als ankerpunt aan het begin van het lint.
Neem een notitieblokje mee en schrijf alles direct op. Een foto van de situatie met het meetlint erin is later goud waard als je twijfelt of een maat wel klopte.
Stap voor stap: een overkapping inmeten
Dit zijn de vier maten die je altijd nodig hebt:
- Breedte – van buitenkant paal tot buitenkant paal, parallel aan de gevel of terraskant.
- Diepte – van de gevel of het beginpunt tot aan de voorkant van de overkapping (ook buitenkant paal).
- Hoogte – de gewenste onderkant van het dak, gemeten vanaf de vloer of het terras.
- Afschot – het hoogteverschil van voor naar achter op je terras, als dat er is.
Noteer alles in centimeters. Ronde maten in meters zijn fijn om over te praten, maar centimeters geven je meer controle bij het configureren van je pakket.
Controleer ook of je hoeken recht zijn. Meet daarvoor de diagonalen: de afstand van de ene hoek naar de schuinoverliggende hoek moet aan beide kanten gelijk zijn. Is er verschil? Dan is de ruimte geen rechthoek en moet je dat meenemen in het ontwerp.
Vrijstaand of aanleun: maakt dat verschil bij het inmeten?
Ja, dat maakt verschil. Bij een vrijstaande overkapping meet je een volledige rechthoek op, los van de woning. Bij een aanleunoverkapping — die tegen de gevel aan staat — is de gevel één van de begrenzingen. Meet dan ook de hoogte van de aanleunpunten aan de gevel op.
Let bij een aanleunoverkapping extra op de bestaande goot van de woning. De overkapping mag de goot niet raken of afdichten. Meet hoeveel vrije ruimte er is tussen de bovenkant van je gewenste overkapping en de onderkant van de bestaande goot. Dat bepaalt mede hoe hoog je kunt gaan.
Waar moet ik op letten bij het inmeten?
Een paar dingen worden makkelijk over het hoofd gezien:
- Kabels en leidingen in de grond – poeren worden ingegraven. Vraag een KLIC-melding aan via het Kadaster zodat je weet waar leidingen lopen, vóórdat je begint te graven.
- Terrasafschot – meet de hoogte op meerdere punten als je terras licht helt. Dat heeft invloed op de paallengte en het poerenplan.
- Erfgrens en vergunning – de afstand tot de erfgrens bepaalt of je een omgevingsvergunning nodig hebt. Check dit altijd via omgevingsloket.nl of bij je gemeente.
- Obstakels – een boom, standpijp of riolering kan de paalposities beïnvloeden. Noteer alles op je schets.
Maak na het inmeten foto’s van de situatie, bij voorkeur met een meetlint of maatlat zichtbaar in beeld. Die foto’s helpen later als er vragen zijn over de precieze situatie ter plekke.
Hoeveel ruimte moet er rondom een overkapping blijven?
Dit hangt af van de locatie en de gemeente. Reken in elk geval de overstekbreedte van het dak mee: het dak steekt aan voor- en zijkanten verder uit dan de palen zelf. Bouw je dicht bij een schutting of erfgrens? Dan telt die overstek mee bij de vergunningsvrije afmetingen.
Overleg bij twijfel even met je buren als de overkapping vlakbij hun perceel komt. Dat voorkomt gedoe achteraf en is gewoon netjes.
Van jouw maten naar een STILT bouwpakket
Heb je de maten? Dan kun je direct aan de slag in de 3D-configurator van STILT. Je voert breedte, diepte en hoogte in en ziet de overkapping meteen in 3D. Dak, kleur, afwerkingsopties — je stelt alles naar wens in en ziet precies wat je gaat bouwen, nog voordat je een schroef hebt aangedraaid.
Bij bestelling van een van de Douglas overkappingen van STILT ontvang je een poerenplan en maatvoeringstekeningen. Daarin staat precies waar de poeren moeten komen, wat de exacte afmetingen zijn en hoe alle onderdelen in elkaar passen. Het lastige voorwerk — zagen, maatvoering uitrekenen, poerenplan tekenen — heeft STILT al voor je gedaan.
Wat jij hoeft te doen: jouw opgemeten maten invoeren. De rest regelen wij. En straks mag jij met de eer strijken.
Wil je de schaal eerst live ervaren? Kom langs in onze showtuin in Beek en Donk en zie zelf hoe de overkappingen eruitzien. Of ga meteen aan de slag: ontwerp jouw overkapping in de 3D-configurator en zie hoe snel je van maten naar bouwpakket gaat.
Veelgestelde vragen
Hoe meet ik de breedte en diepte van een overkapping op?
Meet de breedte van buitenkant paal tot buitenkant paal, parallel aan de gevel. De diepte meet je van het beginpunt — de gevel of een ander aanleunvlak — tot de voorkant van de overkapping. Noteer beide maten in centimeters voor de meeste nauwkeurigheid.
Moet ik de paaldikte meenemen in mijn maten?
De breedte en diepte worden altijd gemeten van buitenkant tot buitenkant paal. Het dak steekt daar aan voor- en zijkanten als overstek nog overheen. Houd hiermee rekening als je dicht bij een muur, schutting of erfgrens bouwt.
Hoeveel ruimte moet er naast een overkapping blijven?
Dat verschilt per gemeente en situatie. Raadpleeg omgevingsloket.nl voor de regels in jouw gemeente. Houd sowieso rekening met de overstek van het dak buiten de palen, want die telt mee bij de afmetingen voor de vergunningsvrije ruimte.
Heb ik een vergunning nodig voor een overkapping?
In veel gevallen is een overkapping vergunningsvrij als je binnen de regels voor bijbehorende bouwwerken blijft — denk aan maximale oppervlakte, hoogte en afstand tot de erfgrens. Maar dit verschilt per gemeente en situatie. Check het altijd via omgevingsloket.nl.
Wat als mijn terras niet helemaal vlak is?
Geen paniek. Veel terrassen liggen licht schuin voor de waterafvoer. Meet de hoogte op meerdere punten en noteer het hoogteverschil. Dat verwerk je later in de paallengte. In het poerenplan en de maatvoeringstekeningen die je bij een STILT pakket ontvangt, wordt hier rekening mee gehouden.
